donderdag 15 december 2011

Strontarbiter

Zondag 11 december. De topper in derde nationale B: Rupel Boom - Dessel Sport. Twee clubs met een rijke voetbalgeschiedenis. Echter te rijk om hierover uit te weiden.

De eerste helft toont Rupel Boom zich ruimschoots de betere ploeg en dat resulteert in een 1-0 voorsprong wanneer beide ploegen de kleedkamers intrekken. Ik zoek binnen de warmte even op want de wind snijdt door merg en been in het Gemeentelijk Parkstadion.

Na de rust een compleet andere situatie. Dessel lijkt poeier in hun gat te hebben gekregen. Na dom balverlies wordt een vrije trap op de rand van de zestien toegekend. Licht gemor stijgt op in de tribunes, specifiek bij een oudere man schuin voor mij. Als door een hond gebeten veert hij recht en maakt hij zich nodeloos kwaad. Het wordt er echter niet beter op wanneer de scheidsrechter de vrije trap opnieuw laat nemen. Een speler van Rupel Boom, die ik hier niet bij naam zal noemen, zou te vroeg uit de muur zijn gekomen. Wat volgt is een harde knal in de verste hoek. 1-1.

Niet veel later wordt een speler van Boom foutief afgestopt. De scheidsrechter laat doorspelen en met een snelle counter neemt Dessel Sport de leiding. 1-2. Wat volgt, zijn een resem gele kaarten en een golf van klanken die ik hier niet herhaal, behalve een.

Strontarbiter. Strontarbiter.

Mijn ogen speuren rond. Vanwaar komt dat hemelse woord? Die stromende aaneenschakeling van letters? Het blijft zich maar herhalen. Het is de oude man. Hij zet zijn bril elke keer opnieuw een beetje recht als hij het nogmaals uit zijn keel liet galmen. Het lijkt alsof hij niets meer anders kan zeggen.

Nu gaat u mij echter niet horen zeggen dat ik nooit afschuwelijke dingen richting de spelleider geroepen heb. Waar ik mij taalkundig echter beperkte tot janet en blinde mol gaat deze man mijn wildste poƫtische fantasieƫn te boven. Ik bombardeer het meteen tot woord van het jaar moest ik dat kunnen.

Het ligt niet zozeer aan het woord zelf, maar ook aan steeds dezelfde gesticulerende beweging die de man tevoorschijn tovert. Gelijktijdig met het roepen zwaait hij zijn rechterhand de lucht in, zet zijn bril daarna even recht en trekt zijn neus op. Om het daarna nog dertig keer te herhalen. Oud worden, het lijkt me wel wat.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten