Er zijn weinig momenten waarnaar ik zo uitkijk als een van de jaarlijkse trips richting White Hart Lane. Afgelopen zaterdag was het dan ook opnieuw zover. Ditmaal voor de kwartfinale van de FA Cup tegen Bolton Wanderers. Zowaar de tweede keer dit seizoen dat ik de Trotters aan het werk zou zien. De achtste keer Tottenham doorheen een aantal jaren, voor zover mijn geheugen het toelaat.
Voor de wedstrijd het traditionele ritueel. Langs de shop, naar café Coach & Horses, alwaar mijn vader en ik menig drankje delen, een cheeseburger op weg naar het stadion en dan game time. Zo ook deze week. Al zou een tragisch voorval ditmaal het normale verloop van de rest van de dag plotsklaps wijzigen.
Minuut 42 moet het geweest zijn. Aanval van Tottenham afgebroken bij een 1-1 stand. De aandacht van een goede 30000 supporters verplaatst zich langzaam naar het midden van het terrein. Een Boltonspeler ligt roerloos op de grond. Hulp snelt toe van aan de zijlijn.
Ietwat ongemakkelijk wurm ik mij langs mijn medesupporters. Ik wil de menigte voor zijn tijdens de rust en begeef mij alvast richting toiletten. In de gangen van het stadion hangen televisieschermen. Op de beelden staan spelers met handen voor hun hoofd, vertwijfeling maakt zich meester van hen. Ook van mezelf. Ik zie nog net hoe Howard Webb in overleg met de coaches van beide ploegen beslist de wedstrijd te staken en zoek mijn plaats terug in de tribune.
Opnieuw boven gekomen, wordt Muamba op een draagberrie van het veld gedragen. Het hele stadion antwoordt met een rustig en respectvol applaus. Ik ben niet de enige bij wie de tranen in de ogen staan, merk ik eenmaal ik rondom me kijk. Berichten sijpelen door dat hij tien minuten gereanimeerd werd op het veld, waarna hij met spoed naar het ziekenhuis gebracht werd. De rest van de avond is een vreemde waas. Dat zou aan de alcohol kunnen liggen, al maakte het hele voorval mij op slag zo nuchter als een paasei.